Vlinderlavendel snoeien doe je het beste twee keer per jaar: eenmaal in het vroege voorjaar en eenmaal na de bloei. Zo blijft de plant compact, gezond en bloeit hij elk jaar opnieuw volop. Hieronder lees je precies wanneer je snoeit, hoeveel je wegknipt en wat je daarmee voorkomt.
Wanneer vlinderlavendel snoeien?
De eerste snoeibeurt is in maart. Dat is het moment waarop de plant nog niet actief groeit, maar het groeiseizoen net begint. Je snoeit dan flink terug tot net boven het kale hout. Ga niet in het kale hout zelf snoeien, want dat deel schiet niet meer uit. Zorg dat je altijd wat groen of knoppen zichtbaar laat zitten.
De tweede keer snoei je na de eerste bloei, meestal rond juni of juli. Je knipt de verbloeide stelen terug. Dit stimuleert de plant om een tweede bloeigolf te maken, wat bij vlinderlavendel (Lavandula stoechas) goed mogelijk is. Laat je de verbloeide stelen zitten, dan stopt de plant eerder met bloeien en wordt hij snel te groot en houterig.
Hoe vlinderlavendel snoeien: stap voor stap
- Gebruik schoon, scherp gereedschap. Een snoeischaar of heggenschaar werkt prima. Scherp snijdt makkelijker en geeft een nettere wond.
- Zoek het kale hout op. Kijk waar de stelen grijs en hard zijn zonder bladeren of knoppen. Tot net daarboven snoei je terug.
- Laat altijd groen staan. Snijd nooit volledig in het kale hout. Een stukje groen per tak is genoeg voor de plant om opnieuw uit te lopen.
- Na de bloei: knipt stelen weg. Verwijder de verbloeide bloempluimen inclusief een stuk van de steel eronder. Zo stimuleer je nieuwe bloemen.
- Ruim het snoeisel op. Vlinderlavendel is gevoelig voor vocht. Laat geen bladeren of resten tussen de takken liggen, want dat bevordert schimmel.
Wat gebeurt er als je niet snoeit?
Sla je de snoei een paar jaar over, dan verhoudt de plant snel. De onderkant wordt kaal en houterig, terwijl de bovenkant dun en lang uitgroeit. Zo’n plant bloeit minder en valt snel uit elkaar. Terugsnoeien in het kale hout helpt dan niet meer; je kunt de plant beter vervangen. Regelmatig snoeien van vlinderlavendel voorkomt dit probleem volledig.
Vlinderlavendel snoeien verschilt van gewone lavendel
Lavandula stoechas (de vlinderlavendel, met die opvallende “vlindervleugeltjes” bovenop de bloem) is gevoeliger dan de gewone Lavandula angustifolia. Hij verdraagt strenge winters minder goed en herstelt minder makkelijk van een te harde snoei. Wees dus altijd voorzichtig: blijf net boven het kale hout en snoeide nooit te diep in de winter als er vorst voorspeld wordt. Wacht dan liever tot maart.
Snoei je de vlinderlavendel elk voorjaar in maart en knip je de verbloeide stelen na de bloei weg, dan heb je jaar na jaar een compacte, goed bloeiende plant. Dat is alles wat nodig is.